Dit is nu mijn thuis. Alweer een nieuw thuis. Soms maakt het me verdrietig dat ik zo veel plekken heb om thuis te zijn. Zo kan ik toch nooit verdwalen. 

Ik ken de weg hier en Kike ook. Kike is de man die zo vriendelijk is om mij zijn huis binnen te laten. Precies nu komt hij met zijn zaklamp op zijn hoofd gebonden de woonkamer binnenlopen. Winterjas nat, haar nat, schoenen nat. De schoenen worden achtergelaten bij de voordeur en de andere resten regen worden in de keuken uitgeschud. 

Hij loopt de trap op. Nieuw gekocht WC-papier wordt in de badkamer gelegd. De Belg en de Frans spelen kaart aan de kleine ronde woonkamertafel. Af en toe staat één van hen op om één van de huisdieren op hun flikker te geven. De huisdieren gedragen zich namelijk vrijwel nooit en de huisbaas is niet consequent genoeg om daar verandering in aan te brengen. Wat nu tot gevolg heeft dat het meisje dat niets met katten heeft, een kat de deur uit moet zetten. Een kat die niet begrijpt waarom want de ene keer mag het wel en de andere keer niet.

 

Toch geloof ik niet dat ze het erg vinden wanneer ze naar buiten moeten. Buiten is namelijk een heel mooi fantastisch koninkrijk waar zij (en wij) over mogen regeren. Honderden olijfbomen, duizenden grassprietjes en geen wolken.

De poort naar dit paradijs wordt versierd met kapotgevallen daktegels en stukken oud ijzer. Twee stukken oud ijzer die nog enigszins nut hebben zijn de twee stoelen die aan weerszijden van de poort staan. Echt nut hebben ze niet want het doet pijn aan je billen om op de linker te zitten omdat die geen kussen heeft en de rechter heeft een altijd nat kussen.

De katten vinden het anders niet erg om er op te liggen en soms wordt er gevochten over wie er op deze troon naast de poort naar het paradijs mag slapen. Met de ogen dicht is dit rijk namelijk nog steeds heel mooi. De wind waait hier niet, maar aait zachtjes over je haar. Zelfs de regen maakt je niet nat, maar maakt je mooi fris.

De regen die hier komt is denk ik niet koud omdat zij altijd eerst een warme knuffel krijgt van de berg die voor ons staat. Wanneer de wolk op de koffie komt, wordt zij eerst gespleten door de punt van de berg en daarna walst zij langs het dorp waar iedereen haar vriendelijk groet, waarna zij de katten hier slapend voor de poort kan vinden.

Soms voeg ik mij bij hen. Wij maken een rij voor het huis. Kat op troon, kat naast troon, mens met boek naast kat, hond naast mens met boek. Wanneer wij ons rijtje maken kijken wij allemaal tegen de zon in, omdat de poort uitkijkt over het gouden zuiden. Wij blijven met onze gezichten naar het zuiden gedraaid. Wij wachten tot de zon ook moe is van de dag en zij zich laat zakken achter de gele bladeren van de bomen die zich voorbereiden op een winterslaap.

Wanneer de bladeren van de bomen licht geven wachten wij tot de lucht een nieuwe kleur krijgt. Hetgeen betekent dat de zon inmiddels haar kleuren met die van de nacht aan het mengen is.

 

Wij hebben goed wacht gehouden over het paleis.

Advertenties